Deel 3: Toetsingskader

In het derde gedeelte wordt het toetsingskader toegelicht. Het toetsingskader geeft aan voor welke onderwerpen en op welke wijze de effecten van de opgestelde varianten worden bepaald. De bepaling van de effecten vindt voor alle varianten (inclusief de voorkeursvariant) op precies dezelfde wijze plaats. Voor elke variant wordt het verschil bepaald door vergelijking met de referentiesituatie. Dat is de situatie die ontstaat zonder dat het programma luchtruimherziening wordt uitgevoerd. Ook worden de effecten telkens voor hetzelfde moment in de toekomst in beeld gebracht. Dat zijn de zichtjaren . In dit onderdeel van de NRD staat ook beschreven voor welke onderwerpen ( Toetsingscriteria ) de effecten worden bepaald en op welke wijze de effecten worden onderzocht.

Hier staat beschreven welke verkeersprognoses, referentiesituatie , zichtjaren en toetsingscriteria worden gehanteerd in het plan-MER.