Proces tot aan voorkeursvariant

In Deel 2 staat beschreven welke vier varianten de plan-m.e.r. onderzoekt op effecten. Vervolgens zal een voorkeursvariant worden samengesteld, die mogelijk een mengvorm van de onderzochte varianten zal zijn met bouwstenen uit verschillende varianten. Het samenstellen van de voorkeursvariant is een planproces waarbij de inzichten van de ontwerpers, de inbreng uit de participatie tijdens het planproces en resultaten van de toetsing worden benut. Hoe die voorkeursvariant eruit komt te zien, is dus bij de publicatie van deze NRD nog niet te zeggen.

In de plan-m.e.r. zal ook de voorkeursvariant worden onderzocht op effecten. Het plan-MER levert daarmee objectieve informatie voor het maken van een keuze voor de voorkeursvariant door het bevoegd gezag.

De concept-Voorkeursbeslissing inclusief het plan-MER met de voorkeursvariant wordt gepubliceerd en eenieder kan daar een zienswijze over uitbrengen. Die zienswijzen betrekt het bevoegd gezag bij het definitief vaststellen van de Voorkeursbeslissing.

Objectieve informatie en bestuurlijke keuze

Welke variant het ‘beste’ tegemoetkomt aan de doelen is afhankelijk van de weging van de effecten en is daarmee een bestuurlijke beoordeling en keuze. Als bijvoorbeeld vermindering van geluid belangrijker wordt gevonden dan vermindering van de CO2-uitstoot kan een andere voorkeur ontstaan, dan bij een omgekeerde weging (CO2 belangrijker dan geluid). Die weging zal niet voor iedereen hetzelfde uitpakken. Daarmee is de weging en de keuze een verantwoordelijkheid van bestuurders. Zij zullen hun keuze verantwoorden in de Voorkeursbeslissing.